Blog

Als alles tegenzit

Geschreven op vrijdag 6 oktober 2017

Wat doe jij als je plannen worden gedwarsboomd? Wordt je boos, accepteer je het gewoon of doe of probeer je er iets aan te doen? Dit was mijn reactie die keer dat .......

Op mijn vrije dag word ik wakker, vol plannen in mijn hoofd. Ik hoor het regenen en ben op slag chagrijnig. Regen past namelijk niet in mijn plannen. Prompt begin ik te schelden op de weer voorspellers. Ze zitten er bijna altijd naast, behalve wanneer ze slecht weer voorspellen. En ze hadden gezegd dat het droog zou zijn. In ieder geval in Alkmaar.

Ik had me erop verheugd in de tuin te gaan werken. Na die lange, herfstachtige winter, popel ik om de tuin klaar te maken voor de nieuwe groei en bloei. En nu valt dat plan, letterlijk, in het water. Ik merk dat ik moeite heb de knop om te draaien en mijn gedachten op andere dingen te focussen. Dingen die ik wel kan doen, binnen kan doen. Bijvoorbeeld de keuken een goede schoonmaakbeurt geven. De gedachte komt even in mij op, maar wordt meteen opzij geschoven door de gedachte: "Nee, geen zin. Ik wil buiten werken, in de tuin!"

Dat gaat natuurlijk niet door, want in de stromende regen heeft dat klusje zijn aantrekkingskracht wel verloren. Maar ik kan het niet helpen dat mijn gedachten toch steeds weer die kant opgaan. Alles wat in mij opkomt, wat ik zou kunnen doen nu het regent, wordt afgekeurd, omdat ik eigenlijk alleen maar zin heb mijn oorspronkelijke plan uit te voeren. Ik kijk zelfs op buienradar in de hoop dat de regen gauw wegtrekt en ik toch.....

Boos, omdat buienradar niet aangeeft wat ik graag zou zien, neem ik eerst nog maar een kop koffie voor ik besluit wat te doen. Terwijl ik mijn koffie drink kijk ik steeds weer naar buiten. Het blijft regenen.

Zuchtend sta ik op en besluit "dan maar" een cake te gaan bakken. Heel wat aangenamer dan schoonmaken. Ik pak de ingrediënten bij elkaar. Suiker, meel, boter en eie.... shit! Niet genoeg eieren. De winkel is niet zo ver. Het is makkelijk te fietsen of zelfs te lopen. Maar in dit weer? Toch maar met de auto. Ben ik ook weer snel terug..... dacht ik.

Op de parkeerplaats aangekomen merk ik dat ik niet de enige ben en dat ze allemaal hebben besloten om met de auto te gaan. Mopperend rij ik twee keer een rondje over de parkeerplaats tot er een plekje vrijkomt. Snel naar binnen rennen, want als brildrager heb ik een hekel aan druppels op mijn bril.

Gelukkig heb ik geen kar nodig, ik hoef alleen maar een doosje eieren. Een tas heb ik dus ook niet meegenomen. Op weg naar de eieren, zie ik dat mijn favoriete frisdrank in de reklame is. Drie halen, twee betalen. Goed, laat ik er alvast drie meenemen. Later in de week haal ik er nog wel een paar. Nu naar de eieren. Als ik langs de zuivel kom, bedenk ik mij dat de yoghurt bijna op is. Kan ik dat nog dragen? Weet je wat? Ik haal wel een mandje.

Wat rustiger loop ik nu door de winkel. Ik heb nu een mandje, dus mocht ik nog meer zien dat ik nodig heb, dan kan dat er nog bij. Uiteindelijk blijft het bij frisdrank, yoghurt en melk. Zo afgeleid door het rondkijken besef ik bij de kassa aangekomen pas dat ik de eieren, waarvoor ik naar de winkel ging, niet in mijn mandje heb. Jammer, ik was gelijk aan de beurt.

Snel loop ik de winkel door, deze keer rechtstreeks naar de eieren en stop een doosje in mijn mandje. Terwijl ik naar de kassa terugloop, zie ik dat ik toch nog als eerste aan de beurt ben, tot een mevrouw met een volle winkelwagen vlak voor mij bij dezelfde kassa aankomt. Heb ik dat weer? Een blik langs de andere kassa's leert mij dat het weinig zin heeft om van rij te veranderen.

"Mevrouw, u moet deze kool nog afwegen, want ik heb een barcode nodig." Ik kreun. Ook dat nog. Zogenaamd geduldig sta ik te wachten tot mevrouw met haar gestickerde kool terugkomt. Eindelijk ben ik aan de beurt en niet lang daarna probeer ik mijn boodschappen zo gunstig mogelijk in mijn armen te stapelen. Geen tas, weet je nog? Natuurlijk had ik ook even kunnen kijken of er een lege doos beschikbaar was, maar ik dacht dat het zo wel zou gaan. Zonder brokken bereik ik de auto.

Nu mijn autosleutel uit mijn jaszak halen. In mijn verbeelding zag ik mijzelf goochelen met de boodschappen en het doosje eieren daardoor op de grond belanden. Dus legde ik mijn boodschappen op het dak van de auto om mijn handen vrij te hebben. Even later reed ik ik weg bij de parkeerplaats. Zeiknat. Nu is mijn auto niet meer zo piep en al dat vocht sloeg gelijk aan op de ramen. In dat kleine stukje naar huis werd het zicht eerder slechter dan beter, maar met mijn gezicht bijna op het stuur kon ik aan de onderkant van het raam nog net voldoende zien om zonder kleerscheuren thuis te komen.

Thuisgekomen kon ik eindelijk aan de cake beginnen. Af en toe naar buiten kijkend, want je weet maar nooit. Misschien gebeurd er een wonder en gaat de zon ineens schijnen. In dat geval kan de cake wat mij betreft inzakken, want dan ga ik toch echt naar buiten. Het wonder bleef uit.

Een beetje onverschillig meet ik de juiste hoeveelheden aan ingrediënten en laat ik de boter in de magnetron zacht worden. De suiker en de boter mix ik tot een romige massa waarna ik de eieren één voor één toevoeg.

Normaal breek ik het ei eerst in een kopje voor ik het bij de mix voeg. Uit ervaring weet ik dat er weleens een schilver van de dop in het ei terechtkomt. Die vis ik er dan eerst uit, want dat wil je niet tegenkomen in je cake. Vandaag gebruik ik geen kopje. Er moet maar eens wat goed gaan. Dus niet....

Met de helft van het ei, dat ik op de rand van de beslagkom heb gebroken, zie ik een paar schilvers meegaan en onder het botermengsel zakken. De andere helft van het ei druipt aan de buitenkant van de kom richting het aanrecht.

Uit pure frustratie smijt ik een volgend ei in zijn geheel in de beslagkom en ga er dan vandoor. Niets! Ik moet even helemaal niets doen! Alles wat ik doe gaat fout. Dus stop met doen!

Met gebalde vuisten en een grauw van frustratie plof ik neer op de bank. Na nog een paar krachttermen te hebben geuit, hoor ik mijzelf, heel diep van binnen, een liedje zingen.

Wát?!! "Verrader!" snauw ik naar die zingende ik, maar tegelijkertijd voel ik mijn mondhoeken omhoog gaan en na het slaken van een diepe zucht ben ik die enorme boosheid kwijt.

Ineens weer vol energie, door de kok in mij, sta ik op van de bank, zet een cd op met nummers die ik lekker mee kan galmen en ruim hoofdschuddend de troep in de keuken op. Daarna kijk ik in de kasten en koelkast wat ik allemaal in huis heb, want daar wil ik het mee doen. Het kan natuurlijk ook te gek, he? Ik ga echt niet nog een keer door de regen.

Alles wat ik vind en waarvan ik denk dat ik het wel wil gebruiken leg ik op het aanrecht. Eerst verzamelen en dan kijken welk gerecht ik ervan kan maken. Uien, neem ik mij voor, moeten het hoofdbestanddeel worden, want regen en uien ...... misschien wat vergezocht, maar toch.

Uiteindelijk besluit ik een Carabaccia te maken. Dit is een Toscaanse uiensoep.

Weet je trouwens dat een ui onder je kussen, je toekomstdromen geeft? kijk op www.gezonderleven.com/uien

Carabaccia, Toscaanse uiensoep.

voor 8 porties;

1,8 kilo uien

2 tl basterdsuiker

0.75 ltr droge witte wijn, ik heb altijd een paar miniflesjes wijn voor het koken in huis.

1 ltr kalfsfond

klein kaneelstokje

zout 3 el erwten(linzen)puree

olijfolie

handje geraspte Parmezaan.

De erwten/linzen gaar koken in witte wijn. Het kookvocht bewaren en de erwten/linzen tot een fijne pasta pureren.

Uien in zeer dunnen ringen snijden.

In flinke scheut olijfolie zacht laten worden.

Suiker en zout toevoegen om ze te laten karameliseren.

Erwtenpuree, wijn, kookvocht en kalfsfond toevoegen samen met het kaneelstokje.

Ongeveer 20 minuten laten sudderen.

Een handvol geraspte Parmezaan toevoegen.

Lekker met (aardappel)brood.

Plak evt. bestrijken met olie, bestrooien met Parmezaan en even onder de grill.

Geplaatst in de categorie waar gebeurd met recept

Blogartikel delen op Facebook